Maart

Geschreven door Karel Wolters

Op 1 maart is de weerkundige lente begonnen, voor ons gevoel was dat al minstens een week eerder het geval. De gemiddelde wintertemperatuur is dan ook bijna twee graden hoger geweest dan het 30-jarig gemiddelde. De astronomische lente begint op 20 maart, de Zon komt dan weer ten noorden van het evenaar-vlak.
Vooral in de eerste helft van de maand is het nog een behoorlijk lange tijd astronomische donker, als ook de Maan onder is; van acht uur 's-avonds tot de volgende ochtend vijf uur, neem dus nu de gelegenheden te baat.
Voor de "blote oog" planeten hoeft het niet zo donker te zijn, maar de binnenplaneten Mercurius en Venus naderen de Zon steeds meer, Mercurius is alleen de eerste dagen van de maand nog te zien en Venus komt aan het eind van de maand nog slechts één uur voor de Zon op.
Van de buitenplaneten komt Jupiter steeds vroeger op, ze staat tijdens de ochtend-schemering in het zuiden. Saturnus staat tussen Venus en Jupiter in, ze is de minst heldere van de drie ochtend-planeten.
Mars tenslotte is 's-avonds in het zuid-westen te zien en gaat rond middernacht in het westen onder. Maart is al de derde maand op rij waarin Mars steeds rond middernacht onder gaat. De hoekafstand tussen Mars en Zon neemt af, ze culmineert dus steeds vroeger in het zuiden, maar ze komt deze drie maanden steeds hoger boven de hemel-equator, haar declinatie neemt toe van 0 graden naar 21 graden aan het eind van maart; de boog die Mars aan de hemel beschrijft wordt steeds groter en het tijdsverschil tussen culminatie en ondergang wordt groter. Deze twee effecten compenseren elkaar toevallig en daarom gaat Mars ook deze maand nog steeds rond middernacht onder. Vanaf april wordt het langzaamaan weer vroeger, maar omdat dan de zomertijd is ingegaan is het eerst nog een uur later.

Op 6 maart is het nieuwe Maan en is onze begeleider niet te zien, dus tijd voor het waarnemen van lichtzwakke verschijnselen.
Met een computer-gestuurde telescoop is planetoïde Eros makkelijk op te sporen in de nacht van 8 op 9 maart. Ze staat dan zeer dicht bij SAO 114525, een ster van magnitude 6, terwijl Eros zelf dan van magnitude 10,4 is.
Als Jupiter op 10 maart na drie uur 's-nachts is opgekomen, laat de kleine telescoop zien dat de vier heldere manen samen ten oosten van de planeet staan.
Van 11 t/m 13 maart gaat het traject van de wassende Maan langs Mars, de sterrenhoop Hyaden en Aldebaran, de eerste ster van de Stier. Op 16 maart is de Maan opgeschoven naar de Tweelingen, ze staat dan ten zuiden van Pollux; op 19 maart om 2 uur 's-nachts is ze in conjunctie met Regulus, eerste ster van de Leeuw. De volgende avond om twee minuten voor elf begint dan de lente, een nacht later is de Maan "vol".
Tijdens de ochtend van 24 maart staan de vier manen van Jupiter weer samen ten oosten van de planeet. Gedurende de aansluitende avond en nacht naar 25 maart is de helderheidswisseling van Algol in zijn geheel te volgen. Zowel afname als toename van de helderheid nemen ± vijf uur in beslag.
Op 27 maart om drie uur staat de Maan slechts 1 graad ten noorden van Jupiter.
Op 29 maart om 6 uur is de Maan in conjunctie met Saturnus, in de avond van 30 maart bevindt ze zich drie graden ten zuiden van sterrenhoop de Pleiaden.
Tenslotte gaat tijdens de laatste nacht van de maand de klok een uur vooruit, twee uur wordt drie uur zomertijd.

Home