Februari

Geschreven door Karel Wolters   

Voor diegenen die zonder visuele hulpmiddelen willen waarnemen, is februari een gunstige maand. Alle "blote oog" planeten zijn deze maand op te sporen.
Mercurius is vanaf 10 febr. kort na zonsondergang laag boven de westelijke horizon te vinden. Op 27 febr. bereikt de planeet haar grootste oostelijke afstand tot de Zon in deze omloop.
Venus is "Morgenster", aan het begin van de maand komt ze nog bijna drie uur vóór de Zon op, aan het eind van de maand al minder dan twee uur. Mars staat aan het begin van de avond in het zuid-westen en gaat rond middernacht onder. De zichtbaarheid van Jupiter wordt steeds beter, bij het aanbreken van de dag staat ze al in het zuid-zuidoosten, iedere dag komt ze iets vroeger op, aan het eind van de maand anderhalf uur eerder dan aan het begin. Ze is bij Venus in de buurt. Ook de zichtbaarheid van Saturnus neemt langzaam toe. Ze staat rond half acht 's-ochtends in het zuid-oosten. Op 18 febr. is ze in conjunctie met Venus, ze komt dan al voor zes uur op.

Op 2 febr. staan de vier heldere Jupiter-mannen ten oosten van de planeet. Twee dagen later is de Maan rond tien uur 's-avonds "nieuw". Deze dagen zijn dus zeer geschikt om deepsky waarnemingen te doen en om te fotograferen. Met een telescoop is bv. planetoïde 433 Eros op 4, 8/9 en 10 febr. dicht in de buurt van sterren van de Stier te vinden. In de Sterrengids zijn tabellen te vinden met gegevens. Ook Internet kan worden geraadpleegd.
De bedekkings-variabele ster Algol maakt een goed waarneembare helderheidsvariatie door op 9 febr. vanaf zeven uur, haar helderheid neemt af tot tien voor twaalf en daarna neemt de helderheid gedurende vijf uur weer toe. Algol staat 9 febr. om half zeven precies in het zuiden, zeker met een verrekijker dan te zien.
Op 11 febr. is de meest late zonneculminatie van dit jaar. In onze streek (±6° O.L.) gaat de Zon pas om tien voor één door het zuiden en dat is 14 minuten later dan de gemiddelde doorgang.
In de ochtend van 12 febr. staan de Jupiter-manen samen ten westen van de planeet.
Uranus is met een verrekijker heel gemakkelijk te vinden op 13 febr. rond negen uur. Ze staat dan één booggraad ten zuiden van Mars. (Het beeldveld van een verrekijker is ± 5°). Tijdens de aansluitende nacht vindt er rond kwart over twaalf een sterbedekking door de Maan plaats. Om dit waar te nemen is een kleine telescoop nodig.
In de nacht van 15 op 16 febr. nadert de Maan de ster Alhena (gamma van de Tweelingen), de volgende nacht is de Maan in de buurt van de tweede ster van Gemini, Pollux.
Tijdens de ochtendschemering van 18 en 19 febr. zijn Saturnus en Venus dicht bij elkaar vlak boven de zuidoostelijke horizon te zien.
Als de volle Maan op 19 februari is opgekomen staat ze nog dicht in de buurt van Regulus, de eerste ster van de Leeuw. Nu is de afstand tussen Maan en Aarde het kleinst van dit jaar, de hoekdiameter van de Maan is dus het grootst, nl. 33½ boogminuut.
Van 26 t/m 28 febr. passeert de Maan β Sco (Schorpioen), Antares( alfa Sco) en Jupiter. Bewonder dit alles tijdens de ochtendschemering. Tijdens de eerste van deze drie ochtenden staan de Jupitermanen samen westelijk van de planeet.
Tenslotte, zoals reeds genoemd bereikt Mercurius op 27 febr. haar grootste oostelijke elongatie, 18° afstand tot het middelpunt van de Zon.

Home